1.1 De werelddelen
Opdracht 1
Bereken voor elk werelddeel het aandeel (%) in de totale landoppervlakte op aarde.
| Oppervlakte | % van de totale landoppervlakte | |
Azië |
44 miljoen km² | ............................ % |
Afrika |
30 miljoen km² | ............................ % |
Noord-Amerika (= ten noorden van het Panama-kanaal) |
24 miljoen km² | ............................ % |
Zuid-Amerika (= ten zuiden van het Panama-kanaal) |
18 miljoen km² | ............................ % |
Antarctica |
14 miljoen km² | ............................ % |
Europa (ten westen van het Oeralgebergte en ten noorden van de Kaukasus) |
10,5 miljoen km² | ............................ % |
Oceanië (met Australïe, Nieuw-Zeeland, Nieuw-Guinea en andere kleine eilanden) |
9 miljoen km² |
............................ % |
TOTAAL |
.......... miljoen km² |
100 % |
1.2 De referentiekaart van de wereld
Opdracht 2
Vul de referentiekaart onderaan in. Controleer je antwoord en vul de kaart in je bundel ermee aan.
Dit is te kennen leerstof, dus moet je deze oefening zonder atlas kunnen oplossen.
1.3 De facetkaart van het reliëf
Opdracht 3
Maak de oefening. Gebruik je atlas.
1.4 Oefeningen op satellietbeeld
Opdracht 4
Sleep de cirkeltjes naar de correcte plaats. Opgelet: sommige plaatsen komen niet voor op dit beeld. Je hoeft ze dus niet allemaal te verslepen.