4.1 Overzicht van de bewegingen

AARDROTATIE

Opdracht 1

Beschrijf aan de hand van de animatie welke twee bewegingen de aarde in het zonnestelsel maakt.

De aarde:

- draait om haar eigen as

- beschrijft een baan om de zon

 

Deze twee bewegingen hebben heel wat gevolgen voor ons dagelijks leven. Daarom gaan we ze uitvoerig bestuderen in de volgende twee lessen.

 

 

 

4.2 De aardrotatie of aswenteling

4.2.1 Definties en beschrijving

Definities

Rotatie: het draaien (wentelen) van een hemellichaam rond zijn as

Aardrotatie: het draaien (wentelen) van de aarde om haar as

Rotatietijd of rotatieduur: de tijd nodig voor één volledige rotatie

Opdracht 2

Open de animatie en beschrijf de zin van de beweging van de rotatie (van west naar oost, van oost naar west, in wijzerzin of in tegenwijzerzin). Gebruik de hendel links van de aarde om het gezichtspunt te veranderen.

Gezichtspunt
Zin van de beweging

Vanaf de noordpool

in tegenwijzerzin

Langsheen de evenaar

van links naar rechts/van west naar oost

Vanaf de zuidpool

in wijzerzin

 

 

 

 

 

4.2.2 Gevolgen van de aardrotatie
AFWISSELING VAN DAG EN NACHT

Opdracht 3

Open het dag- en nachtbeeld van onze aarde.

Stel bovenaan als coördinaten Gent (zoek de coördinaten op met Encarta) in, naargelang je locatie.

Stel als datum vervolgens 15 november 2008 (2008-11-15) en als tijd 15:00 UTC in.

Vergroot het beeld door onderaan bij image size 320 te vervangen door 800.

Duid in onderstaande tabel aan of er in het gebied dag of nacht heerst op dat moment. Gebruik daarvoor een atlas of kaartenprogamma.

Plaats
Dag of nacht?

Denemarken

dag

Finland

nacht

het Arabisch schiereiland (grootste deel)

nacht

de Zwarte Zee

nacht

 

 

 
AFWISSELING VAN EB EN VLOED

Opdracht 4

De aardrotatie zorgt niet voor het ontstaan van getijden, maar wel voor de afwisseling tussen eb en vloed. Noteer voor Knokke de gevraagde tijdstippen van hoogwater.

Vraag
Antwoord

Noteer het eerstvolgende tijdstip van hoogwater (vandaag)

wisselt elk etmaal

Noteer het tijdstip van hoogwater minstens 24 uur later (morgen)

idem

Bereken het verschil in uren en minuten tussen beide tijdstippen.

het verschil bedraagt tussen een uur en een half uur

 

 


VERSCHIL IN OMTREKSNELHEID

Opdracht 5

De rotatietijd van de aarde bedraagt 24 uur. Dit houdt in dat elk punt op aarde een cirkel (360 °) beschrijft rond de aardas, ongeacht de geografische breedte. De hoeksnelheid bedraagt daarom voor elk punt op aarde 360° / 24 uur.

De omtrek van die cirkel verschilt wél van punt tot punt en hangt af van de geografische breedte. Gebruik de animatie om voor de onderstaande plaatsen op aarde de omtreksnelheid (= de booglengte per tijdseenheid, in km/h) te berekenen.

Formuleer aan de hand van je bevindingen een besluit.

Besluit

 


AFPLATTING VAN DE AARDE

Definitie

Afplatting = (evenaarsdiameter - polaire diameter) / evenaarsdiameter

Opdracht 6

Bereken de afplatting van volgende planeten. Gebruik de waarde van de diameter voor de evenaarsdiameter

Planeet
Afplatting

Mercurius

0

Aarde

0,0034

Saturnus

0,098

 

 

verklaring: Mercurius is een kleine planeet die snel gestold is, Saturnus heeft veel langer kunnen roteren eer ze gestold was

 

AFBUIGING VAN DE WINDEN (PROJECTIELEN, VLIEGTUIGEN...): DE CORIOLISAFBUIGING

Afbuiging in het noordelijk en in het zuidelijk halfrond | Lanceer zelf een projectiel | Afbuiging in het noordelijk halfrond | Afbuiging, speeltuin-stijl - aanrader!

Opdracht 7

Zoek de zin van de afbuiging in elk halfrond.

Halfrond
Zin van de afbuiging (naar links of naar rechts)

noordelijk halfrond

naar rechts

zuidelijk halfrond

naar links

 


DE TIJDSINDELING

Zie ook presentatie

In de loop van de geschiedenis heeft de mens manieren ontwikkeld om de tijd in te delen. De voorbeelden die wij bespreken zijn:

- de zonnetijd,

- de zonetijd en

- conventionele tijd.

De huidige tijdsindeling wordt sterk bemoeilijkt door het gebruik van zomer- en wintertijd.

 

Definitie

De zonnetijd is gebaseerd op de stand van de zon. Het is middag als de zon op zijn hoogste punt boven de horizon staat. De dag wordt verder in 24 uren verdeeld.

 

Opdracht 8

Beantwoord de vragen met behulp van de interactieve conventionele tijdzonekaart. Stel de tijd in op 12.00 uur Belgische tijd.

Als het bij ons 12 uur is, hoe laat is het dan in London? 11:00

En hoe laat is het dan in India? 16:30

Hoeveel conventionele tijdszones kent China? 1

 

 

 

Opdracht 9

België kent ook zomertijd en wintertijd. Beantwoord de volgende vragen.

Wanneer zullen we de eerstvolgende keer opnieuw de tijd op de klok moeten aanpassen? 26 oktober 2008

Met welke aanpassing zullen we dan te maken hebben: met wintertijd of met zomertijd ? van zomertijd naar wintertijd

Moeten we dan een uur bijtellen of aftrekken? een uur aftrekken ('spring forward, fall back')

Betekent dit dat we een uur vroeger moeten opstaan of dat we een uur langer in bed kunnen blijven liggen? Als je de klok een uur mag terugdraaien, kan je een uur langer blijven slapen.

 

Besluit

Zonnetijd: tijd op basis van de positie van de zon. Dit betekent dat enkel gemeenten (of steden) die op dezelfde meridiaan liggen dezelfde tijd hebben.

Zonetijd: zonnetijd van de centrale meridiaan. Is voor België gelijk aan de GMT (Greenwich Mean Time).

Conventionele tijd: is voor België GMT +1 (GMT is identiek aan West-Europses Tijd WET en bij benadering hetzelde als UTC en UT).

Zomertijd = is voor België GMT +2 of conventionele tijd + 1

Wintertijd = is voor België GMT +1

SAMENVATTING

Het bepalen van de ligging van een plaats op aarde gebeurt met twee soorten cirkels:

- meridianen die de polen met elkaar verbinden en (= middaglijnen = lengtelijnen)

- breedtecirkels die evenwijdig lopen met het evenaarsvlak.

De ligging plaats op aarde wordt uitgedrukt als lengte en breedte

De breedte is de booglengte van een plaats tot de evenaar. bijvoorbeeld: 50° noorderbreedte

De lengte is de booglengte van een plaats tot de meridiaan van Greenwich.

Het zenit is het punt boven de waarnemer.

We hebben al gezien dat je de Poolster (althans in het noordelijk halfrond) kan gebruiken om de geografische breedte mee te bepalen:

de hoogte van de poolster komt overeen met de geografische breedte (op 90 °NB staat ze in het zenit, op de evenaar komt ze net boven de horizon uit).

 

 

 

 

Opdracht 11 (UITBREIDING)

De duur van de rotatie is afhankelijk van het gekozen referentiepunt. Maak de volgende oefening.

ZONNETIJD OF STERRENTIJD?

 
TIJD OVER?

Bewegingen van de aarde

Test jezelf!